Monitor Smart Mobility 2024

Monitor Smart Mobility 2026

Voor u ligt de vierde editie van de Monitor Smart Mobility. 
Door innovaties van marktpartijen en wet- en regelgeving, met name vanuit Europa, zijn digitaliserings- en automatiserings­oplossingen niet meer weg te denken uit ons mobiliteitssysteem. Weggebruikers maken vandaag de dag gebruik van vele toepassingen. Deze monitor geeft een overzicht van een selectie van trends, ontwikkelingen en toepassingen op het gebied van voertuigautomatisering, verkeersmanagement- en informatiediensten en mobiliteitsdiensten.  ​

In 2023 is gestart met het structureel in beeld brengen van deze trends, ontwikkelingen en toepassingen en elk jaar kijken we naar de stand van zaken. Iedere editie berust op doorlopende én een aantal nieuw gestarte onderzoeken. Zodoende ontstaat een reeks aan monitors op basis waarvan trends kunnen worden benoemd. Voor wat betreft toepassingen gaat het om geavanceerde rijhulpsystemen, actuele in-car reis- en routeinformatie en deelmobiliteitsdiensten. ​ In deze monitor wordt in het bijzonder aandacht besteed aan de ontwikkelingen in het gebruik van geavanceerde rijhulpsystemen, actuele in-car reis- en routeinformatie en overige diensten en systemen binnen het goederenvervoer over de weg.

De categorieën voertuigautomatisering, verkeersmanagement en informatiediensten en mobiliteitsdiensten worden in deze monitor besproken aan de hand van een drietal terugkerende thema’s: aanbodgebruik en effect.

Het thema aanbod beschrijft welke concrete toepassingen op dit moment beschikbaar zijn. Het thema gebruik laat zien in welke mate deze toepassingen gebruikt worden door automobilisten en vervoerders en/of vrachtwagenchauffeurs, wat het kennisniveau is en hoe gebruikers deze toepassingen beoordelen. De monitor brengt ook in beeld wat al bekend is over de effecten van de toepassingen.

Met de inzichten uit de Monitor Smart Mobility kunnen overheden op alle niveaus steeds meer beleidsbeslissingen maken op basis van feiten en cijfers. De monitor biedt informatie om positieve trends te stimuleren of juist in te grijpen bij ongewenste ontwikkelingen. Zo wordt bijgedragen aan een veiliger, duurzamer en efficiënter mobiliteitssysteem voor de automobilisten, vrachtwagenchauffeurs en vervoerders.​

Pagina’s die betrekking hebben op vrachtwagens of goederen­vervoer, zijn aangegeven met in groen de tekst: ‘De informatie op deze pagina gaat over vrachtverkeer’, met daarbij een vrachtwagen icoontje.’ Onderaan elke pagina is de bron van de weergegeven informatie aangegeven. In de bijlagen is een overzicht van de bronnen opgenomen. De bronnen gaan uitvoerig in op de hier gepresenteerde onderwerpen, ook op de statistische onderbouwing van de onderzoeken. Achter in de Monitor Smart Mobility is een lijst met gebruikte afkortingen opgenomen. De foto’s in de Monitor zijn afkomstig van iStock, MAN, DAF, BMW Group, Polestar en Kia.

De Monitor Smart Mobility 2026 en eerdere edities zijn hier te downloaden via de CROW-site ‘De ladder van Smart Mobility’.

 

Voertuigenautomatisering

Voertuigautomatisering

Voertuigautomatisering betreft toepassingen die (delen van) de rijtaak ondersteunen en soms ook gedeeltelijk overnemen. Ze worden in het algemeen ontwikkeld door autofabrikanten en toeleveranciers om de verkeersveiligheid of het rijcomfort te bevorderen. Het niveau van automatisering in voertuigen verschilt per voertuig, maar wordt in alle gevallen steeds geavanceerder. Verwacht wordt dat in de toekomst deze systemen steeds meer de rijtaken van de bestuurder kunnen overnemen. De snelheid van die ontwikkeling is moeilijk te voorspellen. Mogelijke effecten (positief en negatief), als gevolg van toenemende toepassing, worden later in de tijd zichtbaar. Dit geeft extra aanleiding geeft tot monitoring. In deze monitor ligt de focus op rijhulpsystemen en gaan we niet in op volledig automatisch rijden (ADS).

Verkeersmanagement en Informatiediensten

Verkeersmanagement & Informatiediensten

Verkeersmanagement wordt door wegbeheerders ingezet om de veiligheid, de doorstroming en de betrouwbaarheid van het wegennet te bevorderen. Het wordt onder andere ingezet bij incidenten, files, wegwerkzaamheden, het effectief bestrijden van gladheid, en het optimaal gebruiken van tunnels, bruggen en spitsstroken. Bij veel van deze taken spelen automatisering en digitalisering een grote rol. Denk aan fysieke panelen langs en boven de weg die de maximumsnelheid aangeven, rijstroken afkruisen (matrixsignaalgevers) of informatie geven.
Weggebruikers (automobilisten en beroepsmatige chauffeurs) krijgen daarnaast in het voertuig via diverse informatiediensten snelle en gerichte informatie over actuele situaties (bijvoorbeeld omleidingen, files, wegwerkzaamheden, naderende hulpdiensten) en geldende verkeersregels.

Mobiliteitsdiensten

Mobiliteitsdiensten

Bij Mobiliteitsdiensten gaat het in deze monitor met name over deelmobiliteit. Deelmobiliteit is een verzamelterm voor alle vervoersmiddelen die beschikbaar zijn voor meerdere gebruikers, waarbij de gebruiker ook de bestuurder is, maar niet de eigenaar van het vervoersmiddel. Denk aan deelfietsen, -scooters en -auto’s. Deelmobiliteit heeft een digitaliseringscomponent omdat je deelvoertuigen in principe via een app reserveert, boekt en betaalt. Het stimuleren van deelmobiliteit is er met name op gericht om stad en regio leefbaar en bereikbaar te houden en helpt mede de stedelijke bouwopgave mogelijk te maken.

Leeswijzer

In deze Monitor worden in het eerste hoofdstuk voertuig­automatisering de ontwikkelingen beschreven met betrekking tot rijhulpsystemen (ADAS Advanced Driver Assistance Systems) voor personenauto’s op basis van de ADAS Trend Analyses (2025). Vervolgens worden de ontwikkelingen van rijhulpsystemen in vrachtwagens beschreven, onderzocht in de Monitor wegverkeergerelateerde informatiediensten en rijhulpsystemen in het vrachtverkeer (2025). Het hoofdstuk vervolgt met inzichten in ‘mode confusion’ (wie voert de rijtaak uit. De automobilist of het voertuig?) en hoe de boodschap over rijhulpsystemen het rijgedrag kan beïnvloeden. Tenslotte wordt er een vergelijking gemaakt tussen de ontwikkelingen in personenauto’s en vrachtwagens.

Het tweede hoofdstuk gaat in op het gebruik van informatiediensten door vervoerders (planners) en vrachtwagenchauffeurs. Zowel pre-trip als on-trip informatie is hierbij van belang De basis hiervoor is het onderzoek Monitoring wegverkeergerelateerde informatiediensten en rijhulpsystemen in het vrachtverkeer (2025). Het onderzoek ‘Digitalisering en automatisering in het goederenvervoer over de weg: aanbod, gebruik en effect’ geeft een nader inzicht in hoe andere systemen en diensten een rol kunnen spelen binnen het goederenvervoer. Ook dit hoofdstuk wordt afgesloten met een vergelijking gemaakt tussen de ontwikkelingen in personenauto’s en vrachtwagens. Hiervoor is het vrachtwagenonderzoek vergeleken met de ‘Monitor wegverkeergerelateerde informatiediensten 2024’ (personenauto’s).

Het derde hoofdstuk richt zich op de ontwikkeling van deelmobiliteit en gaat in op de verschillende deelmodaliteiten, zoals deelauto’s, deeltweewielers en mobiliteitshubs. Op basis van het ‘Landelijk Reizigers Onderzoek (2025)’ en ‘De staat van de Deelmobiliteit’ (2024) worden trends in gebruik en ontwikkeling in kaart gebracht, waarna de belangrijkste bevindingen overzichtelijk worden samengevat. Hoewel digitalisering minder naar voren komt in dit hoofdstuk, is deze onlosmakelijk verbonden met deelmobiliteit: reserveren, ontgrendelen en betalen verlopen via digitale platforms, en ook het beheer van voertuigen is sterk datagedreven. Een goed functionerende data-uitwisseling vormt daarmee een essentiële randvoorwaarde voor het functioneren van deelmobiliteitsdiensten.

Dashboard

Goederenvervoer over de weg in Nederland

In aanvulling op de ontwikkelingen in het personenvervoer wordt in deze monitor specifiek gekeken naar de ontwikkelingen rondom het gebruik van geavanceerde rijhulpsystemen, actuele reis- en routeinformatie in vrachtwagens, en andere ondersteunende diensten en systemen binnen het goederenvervoer over de weg.

In 2024 werd in Nederland binnen het goederenvervoer in totaal 6,6 miljard voertuigkilometers afgelegd. De gemiddelde ritafstand voor beladen voertuigen bedraagt 95 kilometer. Specifiek voor binnenlandse ritten ligt de gemiddelde afstand lager, namelijk op gemiddeld 67 kilometer. Van de in totaal 53 miljoen beladen ritten heeft 86% een binnenlandse bestemming en 6% van de ritten (zwaar en middelzwaar vrachtverkeer) is grensoverschrijdend. De ritten omvatten zowel ritten met vaste routes en tijdstippen als ritten met variabele routes op verschillende tijdstippen. Het merendeel van deze vervoersactiviteiten wordt uitgevoerd door Nederlandse vervoerders. Ca. 86% van de vrachtwagenkilometers in Nederland wordt gereden door Nederlandse vrachtwagens. Buitenlandse vrachtwagens zijn verantwoordelijk voor de resterende 14% van de gereden kilometers (CBS).

Ongeveer 80% van het wegvervoer in Nederland wordt uitgevoerd door beroepsgoederenvervoerbedrijven (transportbedrijven, eigenvervoerders, eigen rijders). De sector kent een sterk mkb-profiel: 74% van de bedrijven beschikt over maximaal vijf vergunningbewijzen om vracht te mogen vervoeren met een vrachtwagen. Tegelijkertijd wordt circa 70% van alle ritten in het beroepsgoederenvervoer uitgevoerd door slechts 15% van de bedrijven (veelal ritten voor detailhandel). De vervoerscapaciteit is geconcentreerd bij een relatief kleine groep grotere ondernemingen.

Slechts 1% van de bedrijven behoort tot de grootste categorie (>100 werknemers), maar deze groep beheert bijna een kwart van het totale aantal vrachtwagens.

Het Nederlandse vrachtwagenpark omvat ongeveer 154.000 voertuigen. Hoewel vrachtwagens slechts circa 1,5% van het totale Nederlandse wagenpark vormen, zijn zij verantwoordelijk voor ruim 5% van het totaal aantal gereden voertuigkilometers.
Er wordt uitgegaan van een economische levensduur van vrachtwagens en trekkers van ongeveer zeven jaar, voor aanhangwagens en opleggers is dat twaalf jaar.
In de sector zijn naar schatting 92.000 tot 96.000 chauffeurs actief, met een gemiddelde leeftijd van 45,5 jaar; 12,5% van hen werkt als eigen rijders.

De volgende terminologie wordt gebruik:

  • Bedrijven (of vervoerders): dit zijn alle natuurlijke of rechtspersonen die goederenvervoer uitvoeren, ongeacht of dit hun hoofdactiviteit is.
  • Eigen vervoerders: bedrijven die goederen voor eigen rekening vervoeren als ondersteunende werkzaamheid aan hun hoofdactiviteit.
  • Transportbedrijven (beroepsvervoerders): bedrijven die goederen vervoeren tegen betaling voor derden (beroepsvervoer). Daarbij kan onderscheid gemaakt worden naar:
    • Eigen rijders: transportbedrijven die bestaan uit één eigenaar-chauffeur zonder personeel.
    • Transportbedrijven met twee of meer medewerkers: beroepsvervoerders met meerdere chauffeurs en/of ondersteunend personeel.
  • (Vrachtwagen)chauffeurs: bestuurder van de vrachtwagen voor het vervoeren van goederen.
    Daarbij kan onderscheid gemaakt worden naar:
    • Chauffeurs in loondienst: deze zijn formeel in dienst bij een vervoerder.
    • Zelfstandige chauffeurs (eigen rijder): zelfstandig opererende chauffeurs die ritten uitvoeren in opdracht van vervoerders of opdrachtgevers.
  • Ritten: Een rit is de verplaatsing van goederen van een herkomstlocatie naar een bestemmingslocatie, inclusief de volgorde waarin meerdere stops worden uitgevoerd.
  • Routes: Een route is het feitelijke traject dat een chauffeur kiest of opgelegd krijgt om een rit uit te voeren.